Waarom nieuwsgierigheid voor topuniversiteiten zoals MIT en Stanford soms waardevoller is dan een perfect schooltraject.
Nederland behoort tot de best opgeleide landen ter wereld. Jaarlijks verlaten duizenden leerlingen het vwo en gymnasium met uitstekende resultaten. Toch valt iets op.
Wie kijkt naar universiteiten als Oxford, Cambridge, MIT, Stanford, Harvard, Yale of Princeton, ziet relatief weinig Nederlandse scholieren die daar direct na hun middelbare school terechtkomen. Opvallend genoeg ontmoeten we Nederlandse studenten aan deze universiteiten veel vaker op een later moment. Tijdens een masteropleiding, PhD-traject of na enkele jaren studie- en werkervaring. Dat roept een interessante vraag op. Waarom lukt de overstap naar internationale topuniversiteiten vaak beter na een bachelor dan direct na het vwo?
Meer dan uitstekende cijfers
Veel mensen denken dat universiteiten als Oxford, Cambridge, MIT of Harvard vooral kijken naar cijfers. Uitstekende cijfers zijn belangrijk. Maar voor deze universiteiten zijn cijfers vooral een toegangsbewijs. Vrijwel iedere kandidaat heeft uitstekende cijfers en behoort tot de beste leerlingen van de school. De echte vraag luidt daarom niet hoe intelligent de leerling is, maar wat heeft deze leerling aantoonbaar met zijn of haar nieuwsgierigheid gedaan?
De Nederlandse paradox
Nederlandse leerlingen zijn vaak uitstekend voorbereid op examens. Minder vaak zijn zij voorbereid op het vertellen van een persoonlijk academisch verhaal. Een vwo-diploma laat zien dat iemand succesvol een onderwijsprogramma heeft afgerond, maar het vertelt relatief weinig over zelfstandig onderzoek, ondernemerschap, maatschappelijke betrokkenheid, creativiteit, academische nieuwsgierigheid en eigen projecten. Juist die zaken blijken bij internationale toelatingen vaak het verschil te maken. Een leerling met uitstekende cijfers is indrukwekkend. Een leerling met uitstekende cijfers én een onderzoeksproject, een publicatie, een onderneming, softwareproject of maatschappelijk initiatief vertelt een veel rijker verhaal.
Waarom een gap year populair is
Misschien verklaart dat ook waarom het gap year in Angelsaksische landen zo’n stevige positie heeft. In Nederland wordt een tussenjaar soms gezien als een onderbreking. In het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten wordt het regelmatig gezien als een kans. Een kans om te onderzoeken waar je nieuwsgierigheid je brengt wanneer niemand het programma voor je bepaalt. MIT verwoordt dit opvallend helder. De universiteit moedigt studenten aan een gap year te overwegen en merkt op dat een tussenjaar studenten meer ervaringen geeft om te delen in hun toelatingsdossier. MIT koppelt dat niet aan één specifiek programma. Wat telt, is wat een student met die tijd doet. Een goed benut gap year gaat dan ook niet over een jaar niets doen. Het gaat over een jaar iets doen dat je nergens anders kunt doen.
De paradox van de hoogbegaafde thuiszitter
Op het eerste gezicht lijkt schooluitval een desastreuze uitgangspositie voor een internationale topuniversiteit. En eerlijk gezegd is dat vaak ook zo. Wie op zijn veertiende thuis komt te zitten, loopt niet alleen onderwijs mis. Vaak verdwijnen ook zelfvertrouwen, structuur en toekomstvertrouwen. De eerste prioriteit is dan ook niet Stanford of MIT. De eerste prioriteit is herstel.
Toch schuilt hier een opmerkelijke paradox. Een thuiszitter heeft vaak iets wat veel leeftijdsgenoten niet hebben: tijd. Tijd om te lezen, programmeren, onderzoek te doen, een onderneming te starten, een boek te schrijven. Tijd om zich te verdiepen in een onderwerp waar de leerling werkelijk nieuwsgierig naar is. Juist dat zijn activiteiten waar internationale topuniversiteiten naar kijken. Niet omdat zij schooluitval romantiseren, maar omdat zij willen weten wat een jongere doet met z’n nieuwsgierigheid wanneer niemand vertelt wat te doen.
Diploma én portfolio
Een vwo-diploma met goede resultaten is voor internationale topuniversiteiten vaak pas het begin van het gesprek. Stel je twee achttienjarigen voor. Beiden melden zich aan met een vwo-diploma en vergelijkbare cijfers. Op papier lijken de verschillen klein. Toch zijn de dossiers totaal verschillend. De eerste leerling heeft het reguliere onderwijsprogramma succesvol doorlopen. De tweede leerling heeft in de jaren daarvoor niet alleen aan zijn diploma gewerkt, maar ook aan een programmeerproject, een onderzoek naar kunstmatige intelligentie, een serie essays over geopolitiek of een eigen onderneming. Het verschil zit niet in intelligentie, het verschil zit in wat zichtbaar is geworden.
De eerste leerling laat zien prima te kunnen leren binnen een bestaande structuur. De tweede leerling laat daarnaast zien wat er gebeurt wanneer die structuur even wegvalt. Welke vragen de leerling uit zichzelf onderzoekt of welke problemen zijn geprobeerd op te lossen. Welke interesses zijn sterk genoeg om er maanden of zelfs jaren aan te blijven werken. Juist dat soort signalen proberen internationale toelatingscommissies te herkennen. Niet omdat zij meer onder de indruk zijn van een onderneming, een onderzoek of een boek dan van een diploma. Maar omdat zulke projecten iets laten zien wat een cijferlijst nooit volledig kan vangen: nieuwsgierigheid, initiatief, zelfstandigheid en intellectuele rijpheid.
Voor sommige thuiszitters ontstaat daar een onverwachte mogelijkheid. Terwijl leeftijdsgenoten hun tijd volledig besteden aan het volgen van een voorgeschreven programma, ontstaat er ruimte om naast het diploma ook iets anders op te bouwen. Niet als vervanging van onderwijs, maar als aanvulling daarop. Een portfolio dat laat zien waar de nieuwsgierigheid werkelijk naartoe gaat. Dat wat internationale topuniversiteiten uiteindelijk proberen te ontdekken: niet alleen wat een jongere heeft geleerd, maar ook wat een jongere uit zichzelf wil leren.
Een bijzondere kans voor (hoogbegaafde) jongeren met uitzonderlijk potentieel
Hier ligt wellicht een bijzondere kans voor hoogbegaafde jongeren en jongeren met uitzonderlijk potentieel. Veel van hen beschikken over een grote intellectuele nieuwsgierigheid. Tegelijkertijd vraagt het reguliere onderwijs vooral om het succesvol doorlopen van een vastgesteld programma. Dat is begrijpelijk.
Maar daardoor blijft soms relatief weinig ruimte over om zichtbaar te maken wat iemand uit zichzelf onderzoekt, bouwt, creëert of ontwikkelt. Juist daar kan een goed benut gap year het verschil maken. Niet doordat iemand een of twee jaar langer wacht. Maar doordat iemand een of twee jaar langer groeit.
Van leerling naar onderzoeker
Misschien ligt daar wel de belangrijkste boodschap voor hoogbegaafde thuiszitters en hun ouders. Wanneer een leerling uitvalt, gaat het gesprek vaak over wat verloren is gegaan. De lessen, de klas, het ritme, de cijfers, soms zelfs de toekomst. Dat is begrijpelijk. Maar op enig moment ontstaat ook een andere vraag: Wat gaan we vanaf vandaag opbouwen? Een vwo-diploma blijft belangrijk. Maar voor universiteiten als Oxford, Cambridge, MIT of Stanford is een diploma, zoals eerder betoogd, zelden het hele verhaal. Misschien is dat juist de onverwachte kans die sommige thuiszitters krijgen.
Laat één ding duidelijk zijn. Thuiszitten is geen voordeel. Maar thuiszitten hoeft ook niet uitsluitend verloren tijd te zijn. Het kan omgezet worden in een doeltijd. Tijd waarin niet alleen aan een (staats)examen wordt gewerkt, maar ook aan een portfolio. Aan onderzoek, ideeën en initiatief. Uiteindelijk vragen topuniversiteiten niet alleen wat je hebt geleerd. Zij vragen ook wie je bent geworden in de jaren dat niemand voor jou bepaalde wat je moest leren. Daar worden nieuwsgierigheid en uitzonderlijk potentieel zichtbaar. En misschien begint daar wel de weg naar Oxford, Cambridge, MIT of Stanford.
Voor ouders van thuiszitters voelt de toekomst soms alsof een deur langzaam dichtvalt. Een belangrijkere vraag is niet welke deur is dichtgegaan, maar welke deuren vanaf vandaag geopend kunnen worden. Een thuiszitter die na twee jaar beschikt over een vwo-diploma via een staatsexamentraject én een overtuigend portfolio, vertelt een heel ander verhaal dan vaak wordt gedacht. Want cijfers zetten de deur op een kier, nieuwsgierigheid bepaalt wat er achter die deur gebeurt.
Harry Veenendaal